Cognitiewetenschap



Bezie hier dit plaatje eens uit het boek Gazzaniga, Michael S. (2002) Cognitive Neuroscience: the biology of the mind ,2nd edition (p.506) W.W. Norton & Compagny, Inc. New York.
Cognitieve Neurowetenschap

En stel je voor dat je je hebt ingeschreven als proefpersoon bij een wetenschappelijk experiment. Je kan het geld goed gebruiken want je wilt zaterdag naar de stad om een nieuw blousje te kopen, hoelang heb je dit groene blousje nou al? Ooit gekocht voor de toen nog fris kleur, maar die is er ondertussen wel van af. Dus iets leukers kan je wel gebruiken, voor die € 35 die je vandaag verdient is misschien wel iets te vinden bij de H & M.
De afspraak staat voor dinsdagochtend 11.00. Precies op tijd arriveer je in het ziekenhuis waar de test afgenomen zal worden. Het is de eerste keer, dus het is best wel een beetje spannend. Je hangt je jas op en neemt met een kopje koffie plaats in de wachtkamer. Na een minuut of tien wordt je geroepen door de arts die zichzelf voorstelt als "doktor van Leeuwen, Neurowetenschapper". Keurig in het wit en met een vriendelijke glimlach stelt hij voor vast naar de onderzoeksruimte te gaan. Ondertussen voel je je al iets meer op je gemak, gelukkig, want dan kan je je wat beter concentreren op de eerste opdracht.
Dhr. van Leeuwen legt iets uit over de gang van zaken ten aanzien van het onderzoek. "Er zijn vier kaarten met op elk een andere afbeelding die alle bepaalde "features" hebben. Zo kan het aantal figuurtjes verschillen, de kleuren en ook de vorm van de figuren kan wisselen. U krijgt per keer een kaart waarbij u zo goed mogelijk de kaart bij het goede model legt." Zo gezegd, zo gedaan; de tijd gaat in en u krijgt de eerst kaart: een groen kruisje. U legt de kaart bij het kaartje waar ook één figuurtje op staat afgebeeld. "Fout" zegt onderzoeker en je kijkt even achterom. Je voelt het al aankomen: je bloed kookt en je vraagt vriendelijk "fout?". De witte jas zeg weer "fout". Om erger te voorkomen leg je het kaartje nu bij de tweede kaart waar welliswaar een figuurtje meer op staat, maar waar de figuurtjes wel dezelfde kleur groen hebben als het figuurtje op het opdrachtkaartje.

"Fout" zegt die lul. Langzaam draai je je om. Al je spieren spannen zich. Je ogen schieten vuur, je telt tot 10 en vraagt iets minder vriendelijk "fout?". Hij hoeft het al niet meer uit te spreken want je kan je niet meer beheersen. Met een enorme vuistslag is de onderzoeker tegen de grond gewerkt. Hij kan nog net de uitspraken "toch maar een onderzoek" en "ik bedoel het niet zo" voor hij snoeihard onderuit geschopt word, het bloed komt uit z'n neus en al kauwend op de onderzoekskaarten moet hij de ene venijnige klap na de andere incaseren.

Als je weer bij zinnen komt is de onderzoeksruimte veranderd in een waar slagveld, niets staat meer op z'n plaats en dhr. van Leeuwen ligt kokhalzend in een plas bloed. Je besluit om het onderzoek te laten voor wat het is en verlaat luid zingend het pand, trots op de dienst die je de wetenschap hebt bewezen.